Doetinchem Algemeen

Over de gemeenteNatuurlijk Achterhoek gemeente Doetinchem

De gemeente Doetinchem (ruim 57.000 inwoners) omvat de stad Doetinchem (met 44.000 inwoners), de dorpen Gaanderen en Wehl en de buurtschappen Langerak, IJzevoorde en Nieuw-Wehl. De plaats Doetinchem afficheert zich graag als ‘de hoofdstad van de Achterhoek’. Daar zijn niet alle Achterhoekers het mee eens. Misschien is centrumgemeente daarom een betere benaming. Feit is dat de stad aan de rivier de Oude IJssel een grote regionale functie vervult op het gebied van wonen, werken, winkelen en uitgaan. Het stadhuis staat in het centrum van Doetinchem; Mark Boumans is de eerste burger.

De kernen

In dit hoofdstuk volgt een korte beschrijving van de stad Doetinchem en haar regiofunctie, en de dorpen Gaanderen en Wehl. Aansluitend komen er thema’s aan bod als: Groen in de stad; Monumentale gebouwen; Wandelen & fietsen; en Bedrijven.

Doetinchem

De stad Doetinchem is opgebouwd vanuit het centrum en heeft een van oorsprong middeleeuwse kern. Aan de bebouwing is dat niet altijd meer te zien, maar in de binnenstad – het Ei geheten – is in het patroon van straten en pleinen nog steeds de oude structuur aanwezig. De 20ste eeuwse woonwijken eromheen dragen de bijnaam ‘de schil’. Aan het eind van de Tweede Wereldoorlog (maart 1945) vonden er grote verwoestingen plaats in Doetinchem. Na de oorlog richtten de wederopbouwplannen zich in eerste instantie op herstel van het stadscentrum. De eerste grote naoorlogse uitbreiding van Doetinchem was ten oosten van de Oude IJssel met wijken als Overstegen, de Bezelhorst en Schöneveld. De stap over de Oude IJssel werd in de jaren vijftig gemaakt met woonwijk De Hoop. In de jaren tachtig volgde De Huet, met het gelijknamige bedrijventerrein op de zuidoever van de rivier. Vanaf de eerste helft van de jaren negentig kwam hierop een vervolg met de wijk Dichteren, ten zuiden van de spoorlijn. De wijk Wijnbergen ligt oostelijk van Dichteren en grenst aan de Woonboulevard. De allerjongste wijk is Iseldoks, prachtig gelegen aan de Oude IJssel en dichtbij het centrum van Doetinchem.

Waar de naam Doetinchem vandaan komt, is niet zeker. In een historisch document uit 838 wordt voor het eerst gesproken over ‘villa Duetinghem’, een nederzetting met een kerk. Doetinchem kreeg rond het jaar 1100 het recht om een stadsmuur met poorten te bouwen. Op de huidige kaarten van Doetinchem is de ei-vorm van de stad te zien, zoals die was toen de stadsmuur er nog stond. In de stadsmuur zaten vier openingen. Later werden deze openingen vervangen door poorten: de Waterpoort, de Heezenpoort, de Hamburgerpoort en de Grutpoort. Om de stadsmuur heen lag een smalle gracht met daaromheen een wal. De Walmolen staat op een restant van deze wal. In 1237 kreeg de plaats stadsrechten van graaf Otto II van Gelre en Zutphen. De stad brandde bijna geheel af in 1527; het document van de stadsrechten is toen verloren gegaan.

Regiofunctie

Doetinchem is goed bereikbaar via de A18 en heeft twee treinstations: Doetinchem Centrum en station De Huet. De ligging aan de Oude IJssel, de bereikbaarheid en de centrumfunctie zorgen voor veel bedrijvigheid. Uiteenlopende bedrijven op meerdere bedrijventerreinen bieden werkgelegenheid voor de hele streek. Het Slingeland Ziekenhuis is de grootste werkgever; de gezondheidszorg staat er op een hoog niveau. Het Waterschap Rijn en IJssel heeft zijn werkgebied ver buiten de gemeentegrenzen en levert een essentiële bijdrage aan de waterhuishouding en het landschap. Het bestuursorgaan Regio Achterhoek behartigt de belangen van Achterhoekse gemeenten, ondernemers en organisaties bij de provincie, het rijk en in Europa.

Voor cultuurliefhebbers is er van alles te doen. Zo zijn er de landelijk bekende schouwburg Amphion (al een aantal malen bekroond met de titel Theater van het Jaar), cultureel centrum de Gruitpoort, de Muziekschool en bioscoop Vue. Of het Stadsmuseum met de Kunstuitleen en het Openbaar Vervoer & Speelgoed Museum. Grote evenementen met een regionale uitstraling zijn het Bevrijdingsfestival, theaterfestival BuitenGewoon en het Stadsfeest.

Natuurlijk Achterhoek gemeente Doetinchem AmphionDoetinchem is zeker sportminded. De helft van de bevolking is lid van een sportvereniging. Voor de hele Achterhoek is er de grote publiekstrekker voetbalclub De Graafschap, met in haar kielzog de trouwe fans, de Superboeren. De Achterhoekse Wandel4daagse trekt deelnemers uit het hele land.

Ook op het gebied van onderwijs heeft Doetinchem een regionale functie, met scholengemeenschappen van VMBO tot VWO, en vervolgonderwijs met het ROC Graafschap College en Hogeschool Iselinge. In ’t Brewinc vind je de bibliotheek en het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers, met vele historische archieven uit de hele regio.

Kenmerkend voor het stadscentrum is het veelzijdige winkelaanbod, en de markt op dinsdag en zaterdag rondom het stadhuis aan de Raadhuisstraat. De binnenstad heeft zich de laatste jaren ontwikkeld tot een eet- en uitgaanscentrum en profileert zich met LKKR. Sfeervolle restaurants en leuke kroegjes vind je met name op en rond het Simonsplein en in de Grutstraat, met volop terrassen voor de deur. Daartussen torent de Catharinakerk er hoog bovenuit.

Gaanderen

In de 8ste eeuw na Christus woonden er al mensen op de plek waar nu Gaanderen ligt. De nederzetting heette toen Aldinchem; huis van de lieden van Aldo. Vrijwel niets herinnert meer aan die eerste bewoners. Maar ook van latere perioden is weinig bewaard gebleven. De eerste echte informatie over Gaanderen dateert uit omstreeks 1150. Dit komt door het klooster Bethlehem dat in die jaren is gesticht. De buurtschap Gernere bestond toen voor een groot deel uit moerassen, heuvels omringd door een rivier en beekjes en uit her en der verspreide nederzettingen. Vlakbij herberg ’t Onland, tussen de Kerkstraat en de Kloosterlaan,  ontstond in 1179 het klooster Bethlehe

Natuurlijk Achterhoek gemeente Doetinchem

In 1689 verrees hier de eerste ijzergieterij van Nederland.

m, dat echter in 1579 tijdens de Tachtigjarige Oorlog totaal werd vernield. Gaanderen maakte tot 1920 ruim honderd jaar deel uit van de gemeente Ambt-Doetinchem. Daarvan was het de hoofdkern. Het gemeentehuis stond weliswaar bijna in de stad Doetinchem, maar drie generaties Horsting – samen 77 jaar burgemeester van het Ambt – woonden in Gaanderen op Huis Rekhem. Oudheidkundige vereniging Gander houdt de geschiedenis van het dorp levend. Die geschiedenis staat gedetailleerd beschreven in het boek ‘Gaanderen van tijd tot tijd’. Op hun site vind je ook een overzicht van gedenktekens in Gaanderen.

IJzergieterijen vind je langs de hele Oude IJssel, dus ook in Gaanderen. Sterker nog, hier werd in 1689 aan de Bielheimerbeek de eerste ijzergieterij van ons land gebouwd, de Rekhemse Hut genaamd. Later ontstonden in het dorp tal van andere industrieën, die op een enkele na, allemaal zijn verdwenen. De agrarische sector speelde lange tijd een prominente rol. Veel fraaie boerderijen in het buitengebied herinneren er nog aan.

Het centrum is een lichte concentratie van winkels aan de doorgaande weg naar Doetinchem, rondom het plein en aan de Hoofdstraat. Gaanderen heeft een eigen treinstation. De kermis is hét jaarlijkse evenement in Gaanderen, georganiseerd door schuttersgilde St. Martinus. Bultendarp, zo heet Gaanderen met de carnaval. Die naam verwijst naar de zandduinen (bulten) die dwars door het dorp lopen (de Pol en Doorninksbulten) die ontstaan zijn aan het eind van de laatste ijstijd. Ze beginnen aan de noordkant van de Oude IJssel bij Engbergen en lopen door tot de Wrange en Koekendaal in Doetinchem en gaan verder in de Kruisbergse Bossen en vervolgens richting Keppel en Doesburg. Een mooi stukje natuur. Evenals de Bielheimerbeek, het nieuwe landgoed ’t Maetje aan de rand van het dorp en de Gaanderhei in het buitengebied.

Het Natuurpark Akkermansbeek, grenzend aan Terborg, is tot stand gekomen met de inzet van de bewoners. Aan het begin van recreatiegebied de Wrange ligt herberg-restaurant-zalen Het Onland. Al vanaf 1790 is dit typisch Achterhoekse horecabedrijf in handen van de familie Nijenhuis. In de zomer is dit een sfeervolle pleisterplaats onder de oude bomen.

Wehl

In Wehl was er ruim tienduizend jaar geleden al sprake van menselijke activiteiten. Jagers en verzamelaars bezochten aan het eind van de Oude Steentijd het gebied. In de Romeinse tijd zijn er zeker vijf nederzettingen geweest. Onder andere op het Hessenveld en in het centrum. Rond 1200 komt voor het eerst de naam Wehl (Weel) voor in akten. Wehl was ruim vier eeuwen lang een Kleefse enclave en viel dus onder het gezag van Pruisen. In 1816 vielen de Kleefse enclaves met de heerlijkheid Wehl weer onder het gezag van het nieuwe Koninkrijk der Nederlanden (of simpeler: In 1816 kwam Wehl weer bij Nederland). Wehl werd een zelfstandige gemeente, maar werd bij de gemeentelijke herindeling in 2005 bij de gemeente Doetinchem gevoegd.

Het historische dorpshart is nog steeds het centrum van het dorp. Ook Wehl heeft een eigen treinstation aan de lijn Arnhem-Winterswijk. Naast het spoor ligt een industrieel monument, de oude graansilo die dateert uit het begin van de vorige eeuw. Het is een herkenbaar punt in de omgeving, een kathedraal van het platteland, zoals deze silo’s wel genoemd worden. Het fabriekscomplex is nu een inspirerende werkplek voor creatieve ondernemers. Schuin daar tegenover staat de stoomtimmerfabriek uit 1907. In het karakteristieke pand zijn alle machines nog aanwezig.

Natuurschoon vind je in het buitengebied: de mooie essencomplexen, het Wehlse Bos, landgoed het Jagershuis en het Stille Wald. Enkele bijzondere boerderijen dragen bij aan het karakteristieke landschap. Tussen de stad Doetinchem en het dorp Wehl ligt de Wehlse Broeklanden. Een gebied van 800 hectare waar natuur, recreatie en landschap zich verenigen. Het Wehlse Bos in het zuidwesten is een mooi wandelparadijs met een natuurcamping en het Jagershuis. Lees meer hierover onder Landschap.

Natuurlijk Achterhoek gemeente Doetinchem Wehl


Het Gripsgoed, ook weI de Grip genoemd, is een van Wehls oudste boerderijen. In 1363 wordt het voor het eerst genoemd en wel als een leen van Kleef.

Een bijzonder evenement is de jaarlijkse Sacramentsprocessie op de eerste (of tweede) zondag na Pinksteren. De bedetocht is bedoeld als eerbetoon aan het meegedragen ‘Sacrament des Altaars’. Bij deze eeuwenoude traditie treden de inwoners in de voetsporen van hun voorouders. Deze Wehlse Umdracht begint om 9.30 uur met een viering in de Martinuskerk, waarna de gelovigen in een lange stoet naar het Hagelkruis aan de rand van het dorp trekken. Na afloop geven de schutterijen Eendracht en Martinus een vendelhulde bij de kerk. Een vrij nieuw evenement voor jong en oud is het Dorpsfeest Wehl onder het motto ‘Veur elk wah Waehls’. Lees hier meer over de geschiedenis van Doetinchem, Wehl en Gaanderen.

Groen in de stad

In de binnenstad van Doetinchem – het Ei – beperkt het stedelijk groen zich tot enkele sfeerbepalende bomen in het winkelgebied. Groene Waas is de naam die de gemeente geeft aan de groene verbindingen tussen de wijken in de stad en het buitengebied. Het is een raamwerk van (park)lanen en historische linten. Met de Groene Waas wil de gemeente het imago van Doetinchem als groene gemeente verder versterken.

De groenstructuren van Park Overstegen en Wiltinksbrug staan in directe verbinding met het buitengebied en vormen een ecologisch verbindingslint voor planten en dieren tot ver in de stad. De zuidelijke wijken zijn later ontwikkeld en bevinden zich in het stroomgebied van de Oude IJssel. Dit is nog herkenbaar aan de vele patronen die haaks op de Oude IJssel of de Wehlse Beek staan. De Wijnbergse Loopgraaf en Dichterense Tochtsloot vormen de ruggengraat van de groenstructuur. De natuurwaarden in de doorgaande groenstructuren via Kapperskolk, Wielpark en Park De Huet zijn hoog en functioneren als een bypass van de Ecologische Verbindingszone Oude IJssel. Parken en plantsoenen vormen de groene longen van de stad Doetinchem. Bijna elke wijk heeft wel zijn eigen park of plantsoen. Een kort overzicht.

Mark Tennantplantsoen

In de Nieuwstad vind je het Mark Tennantplantsoen. Hier staat het vrijheidsmonumument, een sculptuur van twee levensgrote, geketende handen. Het monument herinnert de inwoners van Doetinchem aan de bevrijding van hun stad op 1 en 2 mei 1945 door de Canadese Cavalry Highlanders. Negen geallieerde militairen zijn hierbij om het leven gekomen. Het monument is onthuld op 5 mei 1995. Hierbij is tevens het plantsoen officieel vernoemd naar de majoor van de Cavalry Highlanders, Mark Tennant. Jaarlijks vinden in het plantsoen de dodenherdenking en het bevrijdingsfestival plaats.

Amphionpark

Het Stadspark ofwel Amphionpark is gesitueerd in de wijk de Veentjes, op de plek waar voorheen schouwburg Amphion stond. Een aantal doorgaande routes, waar men zowel mag lopen als fietsen, doorkruist het park. Een onderdeel van dit groene stukje Doetinchem is de Stadstuin, een ontwerp van de Achterhoekse tuin- en landschapsarchitect Nico Wissing en zijn compagnon Lodewijk Hoekstra. Deze bijzondere tuin is op de Floriade 2012 in Venlo bekroond met twee awards: één in de categorie Green Engine en één in de categorie Ontwerp. De tuin is opgebouwd met duurzame producten van twintig bedrijven die allen het NL Greenlabel hebben gekregen. De gemeente Doetinchem adopteerde de Stadstuin in 2013. Omwonenden kunnen hier hun eigen groenten en fruit kweken, bezoekers kunnen er picknicken of tot rust komen en zo genieten van deze prachtige plek. Het tuinhuis heeft een groen dak, is voorzien van zonnepanelen, er is een oplaadpunt voor de elektrische auto, een houtopslag en een ruimte voor natuur- en milieu-educatie aan scholieren. Een tuinvereniging heeft hier onderdak.

Arboretum

In het Arboretum bij Villa Ruimzicht (anno 1853, Ds. van Dijkweg) staan veel bijzondere bomen uit binnen- en buitenland, vaak al meer dan 100 jaar oud. Bij elk exemplaar staat een bordje met de beschrijving van zijn Nederlandse en Latijnse benaming. Om er enkele te noemen: trompetboom, groene treurbeuk, gewone vleugelnoot, een piramidale eik ofwel zuileik, zuidelijke magnolia, zomerlinde of grootbladige linde, vaantjesboom en een mammoetboom. Groot en majestueus zijn ze. Daartussen zijn Rhodendrons en andere heesters geplant. In het voorjaar zorgen bolgewassen voor een kleurig aspect. Doetinchem beschikt zo over een prachtig stadslandgoed dat uitnodigt voor een wandeling. Ruimzicht en het Arboretum hebben de status van Rijksmonument.

Natuurpark Overstegen

Park Overstegen in de wijk Overstegen is in 1975 aangelegd en geldt als het grootste onder de parken. In die tijd was het een traditioneel park dat in Doetinchem bekend stond als het Bonanzapark. In de jaren negentig is het omgevormd tot een recreatief natuurgebiedje waar Galloway-runderen grazen. Omgewaaide bomen bleven liggen, oevers werden vergraven en poelen werden aangelegd. Het was een van de eerste parken in Nederland met een begraasde natuur. Natuurlijk beheer en ecologische processen zijn dan ook het uitgangspunt in Natuurpark Overstegen. De Schotse Hooglanders krijgen zo nu en dan gezelschap van een kudde schapen. Naast de boerderij in het park ligt De Groene Knoop. Het is het terreintje van de onderhoudsgroep, met een gereedschapsschuur, de bijenstal ’t Immerhöfke en een tuintje met wilde planten. De vrijwilligers werken samen met het IVN, de KNNV en de Doetinchemse Bijenhoudersvereniging. ,,Natuurlijk groen in de stad is een levensbehoefte. Het maakt de stad gezond, leefbaar en aantrekkelijk’’, aldus de beheerders.

Canadapark

Het Canadapark is een groene oase in de wijk De Hoop en herinnert – net als de straatnamen – aan de bevrijding van Doetinchem en de Achterhoek door de Canadezen in april 1945. Prominent in het park staat een tank van het 10e Canadese Pantserregiment (Fort Garry Horse), die een aandeel had in de bevrijding van de stad. Samen met een informatiebord vormt de tank een herinnering hieraan.

Natuurlijk Achterhoek gemeente Doetinchem Slangenburg

De Slangenburg

Wandelen en fietsen

Het is prachtig fietsen in het buitengebied van Doetinchem. Zomaar een eind weg fietsen over zandwegen en slingerpaadjes of dankbaar gebruik makend van het Fietsknooppuntennetwerk. Op diverse plaatsen en langs wegen staan de bekende bruine borden waarmee de recreant gemakkelijker zijn weg door het landschap vindt. De wandelaar kan zijn hart ophalen in natuur- en recreatiegebieden als De Zumpe, de Wehlse Broeklanden, de Kruisbergse Bossen of de Wrange. En zeker in de bossen van landgoed Slangenburg. Uitgezette routes zijn er ook. Hieronder een greep uit het aanbod, met natuurlijk ook een tochtje door de historische binnenstad van Doetinchem.

Buitengebied Wehl en Nieuw-Wehl

In het buitengebied rondom Wehl en Nieuw-Wehl is een fietsroute uitgezet van ruim 25 kilometer langs cultuurhistorisch interessante plaatsen. Ook zijn er twee nieuwe gemarkeerde wandelroutes. Eén rondom Nieuw Wehl (6 km) en één in het Wehlse Bos (9 km). Op vier verschillende plaatsen zijn informatieborden geplaatst. De informatieve folders – met plattegrond en aantrekkelijke beschrijving van plaatsen langs de route – zijn gratis te verkrijgen, o.a. bij de Oudheidkundige Vereniging Wehl en bij Warenhuis Frans Jansen.

Trage tocht

Wandelaar Rob Wolfs uit Dieren zette een ‘Trage tocht’ uit door het groen in en rondom Doetinchem. De 15 kilometer lange route start bij het NS-station en gaat langs de rand van de bebouwing over een onverhard paadje langs het geluidsscherm van de Rondweg. Dan het is kronkelen over wandelpaadjes langs het water in Natuurpark Overstegen. De route vervolgt via groenstroken door de wijk Bezelhorst. En zo gaat de tocht door en rondom Doetinchem om weer uit te komen bij het station. Wolfs is professioneel wandelaar. De inmiddels gepensioneerde routemaker zette wandelroutes uit voor de ANWB en NS-wandelingen.

Rondom het Ei

Stichting Gilde Doetinchem biedt wandelingen in Doetinchem aan onder de naam Rondom het Ei. De route om ‘het ei te ontdekken’ is te verkrijgen bij het Stadsmuseum en het Openbaar Vervoer Museum. Daarnaast is het mogelijk onder leiding van een stadsgids van ’t Gilde een wandeling te maken. De gids laat in circa anderhalf uur zien wat de stad te bieden heeft. De wandeling start doorgaans bij de prachtige maquette in het Stadsmuseum; deze laat zien hoe het centrum er in 1940 uit zag. De tocht voert langs historische gebouwen en plekken, maar uiteraard ook langs nieuwe en vernieuwde locaties. Een afspraak maken voor zo’n wandeltochtje kan op www.stadswandelingdoetinchem.nl

Natuurlijk Achterhoek gemeente Dotinchem Wehlse broeklandenWehlse Broeklanden

De Wehlse Broeklanden is het buitengebied tussen Doetinchem en Wehl. Er zijn inmiddels enkele wandelpaden in dit stukje nieuwe natuur aangelegd. Je kunt vanuit De Huet, Wehl en Dichteren via een heerlijke route naar de Mussenhorst lopen. Dit is het centrale punt middenin de Wehlse Broeklanden, waar enkele wandelpaden elkaar kruisen. Tijdens de wandelroutes ervaar je het kenmerkende afwisselende landschap van de Wehlse Broeklanden. De wandelroutes zijn op een kaart aangegeven en in het veld met paaltjes gemarkeerd. Ook is er een folder met de wandelroutes van het gebied. Deze is verkrijgbaar bij zorgcentrum Oldershove in Wehl, wijkcentrum de Zuwe op de Huet, bij de VVV en in het stadhuis van Doetinchem. Houd er wel rekening mee dat de paden onverhard en soms smal zijn. Ze voeren langs akkerranden en sloten. Ook kunnen sommige delen van het gebied drassig zijn. Draag daarom stevig schoeisel.

Rondom klooster Bethlehem

De 3,5 km lange wandeling ‘In het spoor van de kloosterlingen’ loopt door een historisch gedeelte van de gemeente Doetinchem, namelijk rondom het historische – maar verdwenen – klooster Bethlehem. In deze wandelroute is er aandacht voor het oude grachtenstelsel rondom het klooster en de oorspronkelijke loop van de Bielheimerbeek. Van beide zijn nog overblijfselen te zien in het huidige landschap. De wandeling begint bij het bord vóór vijverspecialist De Watermolen, Kloosterlaan 2 in Doetinchem (aan de rand van Gaanderen). Dat is naast herberg Het Onland. In de brochure staat de herkomst van deze naam beschreven. Vroeger was de streek erg moerassig en op sommige plaatsen volkomen onbegaanbaar. Het was hier onbebouwde, nog woeste grond, vandaar de naam onland. De wandelroute is tot stand gekomen vanuit het initiatief ‘Trots op onze Streek’ in samenwerking met de streekbewoners en enkele sponsoren. En met dank aan de grondeigenaren. De brochure met plattegrond en beschrijving is verkrijgbaar bij de VVV en bij het Onland.

Natuurlijk Achterhoek, gemeente Doetinchem,GaanderenGanderpad

Klompenpaden zijn gemarkeerde wandelroutes over onverharde paden door het boerenland, over landgoederen en historische tracés in de provincies Utrecht en Gelderland. In totaal zijn er meer dan 100 klompenpaden. In de gemeente Doetinchem is dat het Ganderpad, 13 km lang. Op dit klompenpad ontdek je het afwisselende landschap van Gaanderen. Wandelen langs de Oude IJssel en beken, over rivierduinen en langs sporen van de ijzerindustrie. Volg de bruine markeringen in de vorm van een klomp. De route is in twee richtingen gemarkeerd, zodat je hem zowel links- als rechtsom kunt wandelen. Het Ganderpad kan verkort worden tot 9 km of verlengd tot 14 km. Dit staat aangegeven met markeringen in het veld aangegeven. Het startpunt is bij Herberg Het Onland, Rekhemseweg 175 in Doetinchem.

Achterhoekse Wandel4daagse

Wandelen in georganiseerd verband is er jaarlijks met de Achterhoekse Wandel4daagse in mei. Duizenden deelnemers verzamelen zich op het Simonsplein om routes van circa 12, 20, 30 en 40 kilometer door dit deel van de Achterhoek te wandelen. Doetinchem is dan ook het kloppend hart van dit wandelevenement. Wie geen vier dagen mee wil wandelen, één of meerdere dagen meedoen kan ook.

Landgoed Slangenburg

Het is romantisch wandelen op Landgoed Slangenburg rondom het kasteel en langs de abdij van de paters Benedictijnen.Vier bewegwijzerde wandelroutes over brede lanen en smalle bospaden starten op de parkeerplaats van Kasteel Slangenburg: de Abdijwandeling (3,5 km), de Landschapswandeling (3,5 km), de Trapeziumwandeling (4 km) en de Stikkertwandeling (4 km). Het koetshuis op de binnenplaats van het kasteel biedt een pauzeplek voor wandelaars en fietsers, met een uitgebreid koffieassortiment en een kleine lunchkaart. Er is ook een informatiecentrum en landgoedwinkel onder de naam Heerlijckheid Slangenburgh. Staatsbosbeheer beheert het groene erfgoed. Lees meer hierover onder Landschap.

Brunschveldse wal

Natuurlijk zijn er meer tochten in de omgeving van de Slangenburg te maken, zoals ‘Langs de oude grens van Brunsveld’, een wandeling van 6,5 km. Vanaf de parkeerplaats van het kasteel volg je eerst de ruim 1,5 km lange oprijlaan tot het startpunt van de wandelroute Brunschveldse wal. Dat is bij het informatiepaneel aan de IJzevoordseweg. De naam Bruns-veld is mogelijk aan dit gebied gegeven door de in 794 overleden Saksische graaf Brunharius. Het gebied Brunsveld ligt iets hoger dan de omgeving en was daardoor in het verre verleden al geschikt voor landbouw. De Brunsveldsche wal is in principe een oude erfscheiding, bedoeld om vee in het eigen gebied te houden en vreemden buiten te sluiten. Hiertoe werd om het gebied Brunsveld een sloot gegraven. De uitgegraven grond vormde een grondwal, die men liet begroeien met bomen en, liefst stekelig, ondoordringbaar struikgewas. Inmiddels is de wal vrijwel onzichtbaar geworden. Deze wandelroute is tot stand gekomen vanuit het initiatief ‘Trots op onze Streek’ in samenwerking met de streekbewoners en enkele sponsoren. En met dank aan de grondeigenaren. De informatieve brochure met plattegrond en beschrijving is verkrijgbaar bij de VVV.

Monumentale gebouwen: oud & nieuw

Een deel van de Doetinchemse binnenstad werd aan het eind van de Tweede Wereldoorlog gebombardeerd. Veel is verloren gegaan. In de naoorlogse jaren van de wederopbouw had Doetinchem lange tijd het imago van sloopstad. Nieuwbouw was belangrijk en behoud van het oude deel deed er minder toe. Gelukkig denkt Doetinchem daar nu anders over en is er weer aandacht voor het behoud van monumentale panden. Op deze pagina aandacht voor cultuur-historische gebouwen, evenals voor nieuwe beeldbepalende bouwwerken en kunstwerken.

Ruimzicht

Dé trots van Doetinchem is Ruimzicht, het statige witte gebouw aan de Ds. van Dijkweg dat uit 1853 stamt. Voor die tijd was het een klein boerenlandhuis met vier kamers, een stal en drie hectare land. In 1868 wordt het fraaie landhuis aangekocht door dominee Van Dijk (1830-1900). De uit Friesland afkomstige dominee liet het vertimmeren tot het eerste internaat voor begaafde leerlingen van de Latijnse School. Al in 1872 vindt de eerste uitbreiding plaats, in 1885 werd het huis vergroot en ingericht in de huidige vorm. De twee hoekpaviljoens werden bijgebouwd en de achtervleugel verlengd. Dominee van Dijk hield zich ook intensief bezig met de inrichting van de omgeving. Er kwam een park in landschapsstijl met een educatief aspect. Een groot assortiment bomen uit binnen- en buitenland werd aangeplant. Zo ontstond het huidige Arboretum met een vijftigtal verschillende soorten bomen. In 1999 werd Ruimzicht met theekoepel en Arboretum aangewezen als rijksmonument.

Dominee van Dijk speelde een belangrijke rol in het onderwijs in de regio. Hij richtte niet alleen de Latijnse school op, later omgedoopt tot Stedelijk Gymnasium, maar ook een meisjesinternaat, een pastorie en een kapel. Hij stichtte christelijke scholen in Zelhem, Halle en Wittebrink. Een klein museum aan dit onderwijs is gewijd in Zondagsschooltje ’t Goor in het buitengebied van Doetinchem. Lees hier meer over de grondlegger van de christelijke scholen in de Achterhoek en de grote betekenis van deze man voor Doetinchem.

Tot een aantal jaren na de oorlog diende Ruimzicht als internaat. Daarna is het door de gemeente Doetinchem aangekocht en werd het Gemeentelijk Lyceum erin ondergebracht, de GSGD, het latere Rietveld Lyceum. In 2007 is het monumentale pand – dat tot dan in vervallen staat verkeerde – gerenoveerd tot viersterrenhotel Villa Ruimzicht. Uitgangspunt was om het rijksmonument weer haar oude grandeur terug te geven en ‘er eigentijdse horeca- en kunstconcepten neer te zetten waar Doetinchem trots op is’. Modieus, centraal gesitueerd en met een historisch karakter’. En dat is gelukt! Lees meer over de geschiedenis van dit monumentale pand op de site van Villa Ruimzicht.

Het oude postkantoor

Het Stadsmuseum is gehuisvest in ‘het oude postkantoor’ aan de Van Nispenstraat in Doetinchem. Dit is een van de mooiste voorbeelden van de Amsterdamse Schoolarchitectuur in de Achterhoek. Het stijlvol gerestaureerde gebouw met bijzondere accenten is een rijksmonument. Het verrees in 1920 naar een ontwerp van Joseph Crouwel en is opgetrokken in Brabantse klinkersteen. Op de hoek is een opvallend accent aangebracht door de bouw van een toren met het trappenhuis. Het pand is zowel binnen als buiten voorzien van veel fraaie details. In het oog springend zijn de twee monumentale gebeeldhouwde wapenstenen aan weerszijden van de ingang met de Hollandse leeuw. Deze zijn vervaardigd door de beeldhouwer Willem Brouwer. De indeling van de bovenverdieping is nog origineel, maar het oorspronkelijke interieur is verdwenen. In 1975 werd het postkantoor buiten bedrijf gesteld. Een aantal jaren heeft het monumentale gebouw dienst gedaan als onderkomen voor de Gemeentelijke Sociale Dienst. Sinds 2011 is het Stadsmuseum er gevestigd. Tegenwoordig heeft ook de Kunstuitleen er domicilie, evenals de VVV Doetinchem en het sympathieke restaurant Het Borghuis.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Het oude postkantoor uit 1920 in de Van Nispenstraat.

Catharinakerk

De Grote Kerk of de Sint Catharinakerk domineert het centrum van Doetinchem. Deze prachtige kerk van de Protestantse Gemeente Doetinchem is rond 1200 gebouwd en was oorspronkelijk gewijd aan de heilige Catharina van Alexandrië. Aan het eind van de Middeleeuwen werd Doetinchem regelmatig door branden getroffen. Bij de grootste brand op 19 april 1527 ging met nagenoeg de gehele binnenstad ook de Sint Catharinakerk verloren. Bij de herbouw verscheen de tegenwoordige gotische hallenkerk met meerdere beuken, waarvan de zijbeuken ongeveer even hoog en soms ook even breed zijn als de middenbeuk. In maart 1945 werd het centrum van Doetinchem vier keer getroffen door onnauwkeurige Britse bombardementen. Ook aan de Sint Catharinakerk werd daarbij ernstige schade toegebracht. Het herstel van de kerk begon in 1948 en werd in 1963 afgerond. Een belangrijk gevolg is dat de toren nu los staat van de rest van de kerk. Catharina Cultureel organiseert wekelijks activiteiten in het kerkelijk bouwwerk dat een rijksmonument is. Regelmatig zijn er orgelconcerten op het Flentrop- of Catharina-orgel. Het carillon klinkt circa zeven minuten voor het hele uur; heel Doetinchem kan er van meegenieten. Elke maand is er een boeken- en platenmarkt in de Catharinakerk, waar veel liefhebbers op af komen.

Driekoningenkapel

De Driekoningenkapel ofwel Gasthuiskapel is te vinden in de Gasthuissteeg achter hotel De Graafschap. Het gebouw dateert van omstreeks 1460-1500 en was onderdeel van het toenmalige Gasthuis, waar armen ondersteuning ontvingen en doortrekkende vreemdelingen onderdak kregen. Hiermee is tevens de dubbele benaming verklaard. De kapel is een laatgotisch zaalkerkje, bestaande uit twee traveeën met een driezijdig gesloten koortje, overdekt met netgewelven op kraagstenen met een verfijnde profilering. Bij het Britse bombardement op het centrum van Doetinchem op 21 maart 1945, raakte de kapel zwaar beschadigd. De herbouw werd in 1950 voltooid. De gebrandschilderde ramen zijn gemaakt door de Doetinchemse glazenier Gerard Lelivelt. Kenmerkend is dat op het ranke torentje geen haan staat, maar een zwaan, het symbool van de lutheranen. De Lutherse Gemeente gebruikte de kapel gedurende bijna 250 jaar. Lees meer hierover op de site van Deutekom Monumenten. Catharina Cultureel organiseert regelmatig exposities in de kapel.

Het Gevang

In de Nieuwstad, de straat tussen Heezenstraat en Hamburgerstraat, ligt Het Gevang. Dit is een van de weinige oudere gebouwen in de Doetinchemse binnenstad. In 1766 werd dit ‘gevangenhuys’ gebouwd naar het ontwerp van ene Gerard Ravenschot. Deze gevangenis is gedeeltelijk gebouwd op de oude fundamenten van de stadsmuur. In 1780 is het linker gedeelte uitgebreid met de cipierswoning en kreeg het gebouw zijn huidige vorm. Doetinchem had geen rechtbank en viel onder het Drostambt Zutphen. Het Gevang diende waarschijnlijk voor de eerste opvang van boosdoeners die er ook konden worden verhoord. De gevangenis is later gebruikt als woning voor de gemeenteveldwachter, als schoollokaal en opslag voor de brandspuit.
Het is een bakstenen gebouw op een rechthoekige plattegrond onder een schilddak. In het voorste deel zijn getraliede vensters in hardstenen omlijstingen zichtbaar. Boven de vroegere ingang bevindt zich het Gelderse wapen met de leeuwen. Onder het plavuizen vloeroppervlak van de begane grond bevinden zich zeven putten, die in 1977 zijn uitgegraven. Een van de putten is afgedekt met een rooster, waardoor een kijkje ondergronds mogelijk is. In 1978 heeft een restauratie plaatsgevonden en in 2012 is de fundering verbeterd. De Kunstuitleen heeft er enkele jaren haar onderkomen gehad. Tegenwoordig huist er lunchroom Het Gevang.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Walmolen.

Walmolen

De Walmolen aan de IJsselkade dateert van 1851 en was aanvankelijk in gebruik tot 1910. Daarna werden de kap, de wieken en de stelling van de molen gehaald en stond er een halve eeuw alleen een gemetselde stomp. Eind jaren vijftig van de vorige eeuw dreigde de molen zelfs gesloopt te worden om plaats te maken voor een parkeerplaats. Een actiecomité wist de sloop te voorkomen. In 1965 kreeg de molen weer een kap, wieken en een stelling. Sinds die tijd is de Walmolen één van de iconen van Doetinchem geworden, gelegen op de voormalige wal. De Walmolen is een korenmolen en daartoe ook volledig ingericht. Tijdens de openingstijden is een rondleiding door de molen gratis. De molen is in ieder geval open als de wimpel of vlag uithangt. Naast de Walmolen kent de stad Doetinchem nog twee molens: De Aurora in Dichteren en de Benninkmolen uit 1856 aan de weg naar Varsseveld.

Kasteel de Kelder

Kasteel de Kelder is romantisch gelegen aan de rand van de Kruisbergse Bossen, achter het Slingeland Ziekenhuis. De Kelder heeft een rijke geschiedenis die teruggaat tot ver in de Middeleeuwen. Eigenlijk is er sprake van twee namen. Naast ‘De Kelder’ staat het ook bekend als ‘Havezathe Hagen’. Een havezate is een versterkt huis of versterkte hoeve. Het historische bouwwerk dateert oorspronkelijk uit de 16e eeuw. De oudst bekende afbeelding is uit het jaar 1656; het is een rechthoekig bakstenen gebouw met van ezelsrugdekkingen voorziene trapgevels en een zadeldak. De geschiedenis is aan de hand van oude kaarten, prenten en foto’s in een mooie video in beeld gebracht. Meerdere bewoners van de Kelder passeren er de revue. Sinds 1978 is jonkheer Floris Beelaerts van Blokland de eigenaar van de havezate. Kasteel de Kelder wordt veel gebruikt voor het voltrekken van huwelijken. Het is mogelijk het kasteel te huren voor diners, ontvangsten en feesten. Ook worden er diverse manifestaties georganiseerd zoals een slipjacht en het Middeleeuws Festijn. Op de jaarlijkse Monumentendag kan het publiek er een kijkje nemen.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

De Kelder.

’t Brewinc

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Aornt Peppelenkamp.

Nog niet héél oud, maar wel beeldbepalend in Doetinchem is ‘t Brewinc aan de IJsselkade, tegenover de Walmolen. De voormalige Algemene Technische School (ATS) die in dit pand gehuisvest was, is een begrip in Doetinchem. Vele generaties bezochten de school die gebouwd werd tussen 1952 en 1954. Het karakteristieke gebouw is inmiddels getransformeerd tot een Cultuurcluster dat een onderkomen biedt aan o.a. het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers, Bibliotheek West-Achterhoek , Stichting Senioren Ontmoetingspunt en Tesoro Eten & Drinken dat onderdeel van Elver is. De gevel aan de IJsselkade is nog volledig intact. De nieuwe gevel, de entree van het gebouw, is vormgegeven als een opengeslagen boek. Bij de entree staat het beeldje van Aornt Peppelenkamp, de romanfiguur van dialectschrijver Herman van Velzen.

Het Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers heeft een ruim deel van ’t Brewinc in gebruik. Het streekarchief huisvest er een aantal kilometers archiefstelling. In de aula van het voormalige schoolgebouw waren zogenaamde sgraffito’s van kunstenaar Hans Gorter in de muur aangebracht. Een deel van deze kunstwerken zijn gespaard gebleven. Eén sgraffito is weer op een prominente plek in het Brewinc aangebracht. Achter ’t Brewinc staan twee rijen industriële shedgebouwen. Deze werden in de school gebruikt als praktijkruimtes. In deze sheds zijn woningen en een parkeergarage gerealiseerd.

Natuurlijk is dit overzicht van historische gebouwen niet compleet. Lees hier meer over de cultuurhistorie van Doetinchem of kijk op de site van de historische vereniging Deutekom.

Modern en eigentijds

Nieuwe beeldbepalende gebouwen zijn er uiteraard ook in Doetinchem. De ‘oudste’ in dit overzicht is het Rietveld Lyceum aan de Kruisbergseweg. De openbare middelbare school werd in 1971 in gebruik genomen en is een ontwerp van Gerrit Rietveld, de befaamde Nederlandse meubelmaker en architect. Op basis van schetsen uit 1961 werd de school pas jaren na Rietvelds dood in 1964 gerealiseerd door zijn medewerker Van Tricht. Het gebouw, gesitueerd aan de rand van een groenstrook, vormt met zijn abstracte zwart-witte gevels een sterk contrast met zijn omgeving.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Schouwburg Amphion.

Schouwburg Amphion

De nieuwe Schouwburg Amphion werd in 2010 officieel geopend en is een ontwerp van Mecanoo Architecten. Aan de buitenkant geeft het gebouw met zijn hellende gevels een nieuwe impuls aan de stad. Van binnen is het een bijna traditioneel theater. Dat gaat met name op voor de grote zaal die in de klassieke hoefijzervorm is gebouwd. In het interieur met de vier aaneengeschakelde foyerruimtes voert de kleur rood de boventoon. Amphion heeft licht achterover hellende gevels van zandkleurig metselwerk met een speels patroon van vierkante ramen. Binnen levert dit verrassende composities op die elke ruimte een eigen karakter geven. Het publiek betreedt het theater via een oplopend voorplein dat is uitgevoerd als een rode loper. Mecanoo heeft deze gang in de gevel zichtbaar gemaakt door enorme glazen puien. De eigentijdse architectuur blijkt ook een nadeel te hebben. Enkele jaren na de opening werd de gevel met hekken afgezet, omdat er een kans bestond dat de Deense bakstenen loslieten. Momenteel wordt naar een oplossing gezocht. Het herstel van de gevel of het bouwen van een nieuwe gevel gaat waarschijnlijk een miljoen euro kosten. Wie deze kosten gaat betalen, is nu de vraag.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Gruitpoort.

Gruitpoort

De Gruitpoort is door de landelijk bekende architect Mart van Schijndel (1943-1999) gebouwd als cultureel centrum en is nu ‘een podium voor kunst, cultuur en debat’. De architect overleed in 1999, het jaar dat de Gruitpoort zijn deuren opende. Het ontwerp en de basale afwerking van het gebouw zijn grotendeels het gevolg van het krappe budget. De Gruitpoort werd een simpel rechthoekig gebouw, 60 meter lang en 12 meter breed. Het enige element dat een doorbreking vormt van dit volume is de uitgebouwde theaterzaal, herkenbaar aan de houten gevelbekleding. De rest van de gevels bestaat afwisselend uit vlakken van horizontale stroken glas en rood bakstenen delen. De stenen zijn niet gemetseld maar gelijmd in een dubbel halfsteens verband. Het ontbreken van contrasterende voegen draagt bij aan de strakke en vlakke uitstraling van de geveldelen. De soberheid van het exterieur is doorgezet in het interieur. De werkplaatsen voor creatieve arbeid zoals houtbewerken en beeldhouwen moesten volgens Van Schijndel ‘net iets mooier zijn dan een garage’.

D-toren

Tegenover de Gruitpoort, aan het begin van de Grutstraat, staat sinds 2004 een interactief kunstwerk: de D-toren van conceptueel kunstenaar Q.S. Serafijn. Een groot wit ‘ding’ van 12 meter hoog en 4 meter breed dat wel ‘de kies’ genoemd wordt. Het kunstwerk brengt de emoties van de Doetinchemmers in kaart. Het peilt of de inwoner geluk, liefde, haat of angst voelt. Als de straatverlichting ’s avonds uitgaat en de D-toren kleurt blauw, dan zijn we blijkbaar heel gelukkig. Is het geel? Dan zijn we angstig. Haat is gekoppeld aan de kleur groen en kleurt de toren rood dan voelen we liefde. De kleur wordt bepaald aan de hand van een digitale vragenlijst. Inwoners van Doetinchem vullen vragen in over alledaagse en actuele zaken. ‘Ben je gelukkig met je partner’, is een vraag die je tegen kunt komen in het lijstje. Het gemiddelde van alle antwoorden wordt uitgerekend en zo rolt de bijpassende kleur eruit. Een groep inwoners vult de lijst een half jaar in, daarna kunnen nieuwe mensen zich aanmelden voor de enquête. In totaal zijn er 360 vragen en om de twee dagen worden er daar vier van verstuurd. Verder is de site (link) algemeen toegankelijk en kan iedereen reageren op de deelnemersgroep. De uitkomsten worden per dag, per maand en per jaar gearchiveerd.

Metzo College

De naam Metzo staat voor Metaal Electro Techniek Zorg Onderwijs. Het Metzo College, een VMBO-school ligt majestueus op een kunstmatige heuvel en is een staaltje van bijzondere bouwkunst. Het gebouw is ontworpen door de Nederlandse architect Erick van Egeraat en won de Scholenbouwprijs 2006. De hoofdvorm van dit gebouw voor 1.300 leerlingen heeft wel wat weg van een afgeknotte piramide. In het midden van de school bevindt zich een patio met daktuin. Onder deze patio is een kantine gerealiseerd. De gevels hellen zeventien graden achterover. De gevel zelf bestaat uit een vliesgevel met zeven verschillende vullingen, waaronder gezeefdrukt glas, aluminium, beton en hout. Een strook met een aluminium invulling loopt diagonaal over het gebouw. Het Metzo College werd op 11 januari 2007 officieel geopend. Al kort na de opening rezen er problemen met de temperatuurregeling in het gebouw, waarschijnlijk ontstaan door de combinatie van schuine wanden en verkeerd glas. Een oplossing voor dit probleem schijnt nabij te zijn.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Metzo College.

Shall we dance?

De dependance van het Graafschap College aan de Maria Montessoristraat heeft een groen sedumdak waarop zo nu en dan schapen grazen. De school kijkt uit op het kunstwerk ‘Shall we dance?’. Een hoogspanningsmast die andere masten ten dans vraagt. Shall we Dance? is ontworpen als landmark voor een bedrijventerrein in Doetinchem. Maar deze landmark maakt eigenlijk alle hoogspanningsmasten in de buurt tot landmark. Die hoogspanningsmasten en de bijbehorende leidingen vormen zo’n vertrouwd beeld, dat ze bijna automatisch van het netvlies worden gewist. Kunstenaar Floris Schoonderbeek brengt daar met dit 37 meter hoge kunstwerk verandering in: met een sierlijke buiging lijkt zijn elektriciteitsmast de andere mast ten dans te vragen. Shall we dance? maakt de elegantie van de echte masten zichtbaar: een dans tussen stalen reuzen. Het is een uitnodiging om met verbeelding naar je omgeving te kijken. Geen elektriciteitsmast zal ooit nog hetzelfde zijn… Uiteindelijk is het kunstwerk ‘alleen’ komen te staan, want de traditionele hoogspanningsmasten zijn verdwenen door de aanleg van de nieuwe 380kV-verbinding tussen Doetinchem en Wesel.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Bedrijven in Doetinchem

Doetinchem is het economische hart van de Achterhoek. De gemeente biedt werkgelegenheid aan bijna 35.000 mensen. Doetinchem kent geen zware industrie, maar wel veel andersoortige bedrijven in uiteenlopende branches. De maakindustrie is rijk vertegenwoordigd, net zoals in de andere Achterhoekse gemeenten. Enkele grote bedrijven die voor veel werkgelegenheid zorgen zijn de volgende.

De Esbro is een enorm bedrijf op het nieuwe A18 Bedrijvenpark. Het is Nederlands meest moderne en vooruitstrevende pluimveeslachterij. Transportbedrijf Rabelink Logistics zit ook op A18 Bedrijvenpark en is een logistiek dienstverlener van formaat. Touwfabriek Helmes/Wellink maakt theezakjestouw en heeft een aandeel van maar liefst 20% op de wereldmarkt. Nijhuis Water Technology is gespecialiseerd in de ontwikkeling van waterzuiveringsinstallaties. Het bedrijf levert een bijdrage aan een steeds groener wordende economie. Ook een groot bedrijf is Intersnack (voorheen bekend onder de naam Imko Gelria) dat hartige snacks, noten, popcorn, pindakaas en dergelijke produceert en daarnaast halffabrikaten levert aan de voedingsmiddelenindustrie. De grootste werkgever is het Slingeland Ziekenhuis, dat nauw samenwerkt met het Beatrix Ziekenhuis in Winterswijk.

Er zijn zes bedrijventerreinen in de gemeente: De Huet, Keppelseweg, Wijnbergen, Verheulsweide in Doetinchem; Akkermansweide in Gaanderen; en de jongste loot is A18 Bedrijvenpark, gelegen tussen Wehl en Doetinchem. Uitgangspunt van het A18 Bedrijvenpark – dat nog volop in ontwikkeling is – is dat voor elke nieuw aanlegde hectare, twee bestaande bedrijfshectaren worden ‘opgeknapt’. De ruimte wordt op deze manier verantwoord gebruikt, verloedert niet en behoudt haar – voor de Achterhoek kenmerkende – groen. De gemeenten Bronckhorst, Doetinchem, Montferland en Oude IJsselstreek werken hier samen.

Een belangrijk complex in Langerak is de ijzergieterij Vulcanus, opgericht in 1894. Het bedrijf is goed voor veel werkgelegenheid, maar heeft in de loop van de jaren regelmatig onder vuur gelegen. De aantijgingen betreffen meestal de negatieve effecten van de bedrijfsactiviteiten op het milieu. En er zijn regelmatig klachten van omwonenden over geurhinder. De opbouw van de ijzergieterij is typerend voor industrieel erfgoed. De tijdslagen zijn herkenbaar en verwijzen naar het productieproces. Delen van het gebouw zijn cultuurhistorisch waardevol. In februari 2019 ging het bedrijf echter failliet. Een maand later is Vulcanus overgenomen door Machine Fabriek Elburg en heet voortaan Vulcanus Casting.

Natuurlijk Achterhoek Gemeente Doetinchem

Vroeger tijden

In vorige eeuwen waren er nog geen industrieterreinen. Ondernemers vestigden zich in de binnenstad of aan de randen van de stad. De tientallen bedrijven die van oudsher in Doetinchem gevestigd waren, bestaan niet allemaal meer of verhuisden naar elders. Zoals Martens Brandkasten (inmiddels koninklijke en gevestigd in Diemen), Distilleerderij Perlstein en Berk Beccon. Van 1881 tot 2001 kende Doetinchem een grote veemarkt op de gelijknamige Veemarkt en in de voormalige Houtkamphal. Ook zij zijn geschiedenis. Overeind gebleven zijn ‘oude’ ondernemingen als Papierfabriek Doetinchem, Ferro Gaanderen, Komeetstaal, Dales Sanitair en Elsinghorst Staal en Techniek.

Vredestein

Een bedrijf als Vredestein heeft Doetinchem groot gemaakt. Deze bandenfabriek opende in 1934 en was járenlang een begrip. Honderden Doetinchemmers verdienden hier hun geld. In de jaren 60 van de vorige eeuw werden zelfs honderden gastarbeiders uit Spanje en Turkije gehaald om aan de productie van rubberen auto- en fietsbanden te kunnen voldoen. Eind 1999 kondigde de directie de verplaatsing van de fietsbandenproductie naar een lagelonenland aan. 125 werknemers verloren hun baan. Eind 2001 werd de fabriek gesloten en verdween Vredestein helemaal uit Doetinchem. Slechts een lange schoorsteenpijp en het ketelhuis herinneren nog aan de locatie van het fabrieksterrein. Het ketelhuis is in 2017 grondig gerestaureerd. Een uitzendbureau huist tegenwoordig in dit industrieel monument.

Misset

Misset was een grote werkgever die veel betekend heeft voor Doetinchem en omgeving. Cornelis Misset, afkomstig uit Haarlem, richtte in 1873 een drukkerijtje op in de Grutstraat. Dat was het begin van een grote uitgeverij en drukkerij. In 1879 verscheen voor het eerst de krant de Graafschap-Bode in de Achterhoek; in 1915 rolde de eerste uitgave van vakblad Boerderij van de pers. Zijn zoons Cornelis jr en Henk leverden een flinke bijdrage aan de aantrekkelijkheid van Doetinchem. Hun activiteiten gingen dan ook verder dan drukken en uitgeven. In de jaren dertig maakten Misset en aannemer Bruil een opzet voor het sportpark Groenendaal, waarvan het zwembad als eerste gereedkwam. In de loop van de tijd werd het uitgebreid met kanovijver, tennisbanen, een speeltuin, manege en een restaurant tot een waar recreatiepark. Het geheel was volledig in handen van Misset, evenals het naburige wielerstadion. Bij het park Groenendaal werd in 1935 ook een vliegveld aangelegd. Vele evenementen op het gebied van de ruiter-, wieler- en zwemsport vonden hier plaats. Het personeel van de uitgeverij/drukkerij profiteerde ervan door een gratis zwemabonnement of via feestavonden in het parkrestaurant.

In de hoogtijdagen werden meer dan vijftig vakbladen uitgegeven. Ook speelde Misset een rol als algemeen uitgeverij. Kinderboeken, stuiverromans, boeken over de Achterhoek en in het dialect, zoals de boeken van Herman van Velzen over Aornt Peppelenkamp. Zelfs het verzamelde werk van Charles Dickens werd ooit in Doetinchem uitgegeven. Uitgeverij Misset kende vele hoogtepunten; deed overnames, fuseerde, groeide en groeide, ging naar de beurs en kreeg namen als Reed Elsevier en Reed Business Information. Ook dat is allemaal geschiedenis. De uitgeverij is grotendeels ontmanteld; vakbladen werden verkocht aan andere uitgevers. Boerderij – opgericht in1915 – is nog steeds het grootste vakblad voor de agrarische sector in Nederland. Vakblad Misset Horeca staat in de horecabranche nog altijd als ‘dé Misset’ bekend. De naam Misset vind je verder terug in de C. Missetstraat en in de naam Senefelder Misset, de drukkerij op industrieterrein De Huet.

De allereerste drukpers van Misset staat in de hal van het stadhuis. De pers dateert uit 1873 en is in 2013 bij het 140-jarig bestaan van de drukkerij geschonken aan de gemeente Doetinchem. De pers wordt geflankeerd door portretten in reliëf van oprichter Cornelis Misset (1848-1929) en zijn zonen Cees en Henk Misset.